Death Valley National Park ligt op de grens van Californië en Arizona, op minder dan twee uur rijden van Las Vegas. De naam “Death Valley” is ontstaan door de vele immigranten die in eerdere eeuwen probeerden het gebied te doorkruisen op weg naar de kust, maar verdronken in dorst, honger en de extreme hitte. Tegenwoordig is een bezoek goed te doen, mits je voldoende water meeneemt, dichtbij de bezienswaardigheden blijft en rekening houdt met de hoge temperaturen. Met de juiste voorbereiding is het park een unieke en indrukwekkende ervaring die je niet snel zult vergeten.
Death Valley National Park heeft drie toegangen: bij Panamint Springs in het westen, bij Death Valley Junction in het oosten en via de noordingang bij Beatty. Het Furnace Creek Visitor Center bij de oostelijke ingang is een belangrijke startplek voor je bezoek. Hier kun je brochures vinden, tips van de rangers krijgen en actuele informatie over gesloten routes of weersomstandigheden. Als je vanuit Las Vegas reist, is de oostelijke ingang bij Death Valley Junction het handigst, ongeveer 1 uur en 45 minuten rijden. Vanuit Los Angeles en Bakersfield is de Panamint Springs ingang het meest geschikt, terwijl Fresno bezoekers ongeveer 4 uur en 45 minuten onderweg zijn.
Death Valley is uitgestrekt en openbaar vervoer is er nauwelijks; een auto is daarom essentieel. Vanuit Death Valley Junction kun je eerst naar het Furnace Creek Visitor Center rijden, daarna Zabriskie Point en Dante’s View bezoeken. Vervolgens kun je door naar Devil’s Golf Course, Badwater Basin en Artist’s Palette, met een totale rijdag van ongeveer 2,5 tot 3 uur zonder stops. Vanaf Mesquite Flat Sand Dunes is het nog 35 tot 60 minuten rijden naar de verschillende uitgangen van het park. Als je via Panamint Springs binnenkomt, begin je het beste bij de Mesquite Flat Sand Dunes en bezoek je vervolgens de Ubehebe Crater en het Furnace Creek Visitor Center. Plan altijd voldoende tijd in voor stops, foto’s en om van het landschap te genieten.
Hiken in Death Valley National Park is mogelijk, maar kan gevaarlijk zijn door extreme hitte en droogte. De wandelpaden zijn minder duidelijk aangegeven dan in andere Amerikaanse nationale parken. Temperaturen kunnen in de zomer oplopen tot 47°C, waardoor een zonnesteek snel kan optreden. De veiligste periodes om te wandelen liggen in de wintermaanden, terwijl in de zomer kortere bezoeken en voldoende hydratatie essentieel zijn. Draag een pet, zonnebril en zonnebrand, en zorg dat je altijd een volle tank benzine hebt.
Death Valley heeft een extreem droog en heet woestijnklimaat. In de zomermaanden kan het kwik oplopen van 40 tot 47°C, terwijl de wintermaanden koel en aangenaam zijn, met maximale temperaturen tussen 18 en 27°C. Regen valt nauwelijks, en wanneer het regent is dit meestal minder dan 30 mm per maand. De UV-index is bijzonder hoog van mei tot augustus, waardoor een goede bescherming tegen de zon noodzakelijk is. Water, energierijke snacks en lichte, beschermende kleding zijn essentieel voor een veilig bezoek.
Het park ligt centraal voor verschillende andere indrukwekkende natuurgebieden en steden. Binnen ongeveer 8 uur rijden vind je onder andere Yosemite National Park, Joshua Tree National Park, Zion National Park, Grand Canyon, Hoover Dam en Lake Tahoe. Steden zoals Las Vegas (1 uur 45 minuten), Los Angeles (3,5 uur), San Diego (4 uur 50 minuten) en San Francisco (7 uur 25 minuten) zijn vanaf het park goed bereikbaar. Zo kun je een bezoek aan Death Valley eenvoudig combineren met een grotere rondreis door het westen van de Verenigde Staten.
Wij bieden een complete rondreis door de mooiste Nationale Parken van het Amerikaanse westen, waaronder Zion, Bryce Canyon, de Grand Canyon en Death Valley. Tijdens deze reis regelen wij vluchten, huurauto, hotels en de nationale parkenpas voor je, zodat alles zorgeloos is geregeld. Met ons uitgebreide roadbook ontvang je praktische tips, routes en inside-informatie, zodat je elk park op je eigen tempo kunt ontdekken en optimaal kunt beleven.